BUNDEL VAN HIS : EEN BIZAR JAAR

Er is me de afgelopen weken herhaaldelijk gevraagd of ik de bijdragen op mijn Facebook-pagina over mijn his-ablatie niet in één keer kan en wil publiceren. Ja dat kan, op mijn blog van mijn website. En ik wil het ook wel. Hopelijk helpt het andere hartpatiënten, die in hetzelfde schuitje zitten waarin ik zat en die twijfelen over een vervolgstap in hun behandeling.

Vandaar hieronder het integrale Facebook-verhaal vanaf oktober tot en met december 2012 van een bizar verlopen jaar. De voorgeschiedenis vanaf 16 februari, want toen begon het met een ziekenhuisopname en een volkomen mislukte ablatie. Een medische misser, zo is nadien ook in het ziekenhuis door een vooraanstaand cardioloog toegegeven.

Met drie ablaties aan mijn hart in 2002, 2003 en 2008 was ik inmiddels redelijk ervaren. Maar wat er op en na die 16e februari allemaal is gebeurd…….

De maanden erna was het ziekenhuis in, ziekenhuis uit. Met op 17 en 20 maart meerdere hartstilstanden.  Een pacemaker die vervolgens mijn hartritme aan moest sturen, maar niet kon voorkomen dat dat hart volop en vanaf augustus zelfs chronisch bleef fibrilleren en flutteren. Er zouden nog vele cardioversies volgen.

Een spoedeisende hartcatheterisatie op 16 oktober bracht uiteindelijk de ommekeer. Hieronder het verhaal dat zich erna heeft afgespeeld

 

Facebook-bijdrage 1  (23 oktober 2012)

Morgen, 24 oktober 2012, wordt voor mij een spannende dag. Tegelijkertijd hoop ik dat het een nieuwe (door)start naar weer een normaal leven wordt. Morgen gaan ze in de Isala Klinieken mijn bundel van His doorbranden, de zogeheten his-ablatie toepassen. Voor het geval het je interesseert, op de website van de Hartstichting kun je precies lezen wat het inhoudt.

Vanaf 1986 heb ik al last van hartritmestoornissen, van boezemfibrilleren en boezemflutteren. In 2002, 2003, 2008 en in februari van dit jaar hebben ze via ablaties geprobeerd die ritmestoornissen te verhelpen. Tevergeefs, blijkt nu. En na al die stevige ingrepen, 40 cardioversies later en een hartcatheterisatie vorige week dinsdag is de kogel door de kerk.

Ik ga voor de hisbundel-ablatie. Dit betekent dat mijn beide hartkamers voortaan permanent door een pacemaker worden aangestuurd. De gedachte daaraan heeft me vaak angst ingeboezemd. Wat als die pacemaker uitvalt? Maar heb ik een andere keus? Nee, adviseren mij de deskundige cardiologen in Zwolle. En dat vind ik zelf ook. Als het goed gaat, en daar reken ik op, krijg ik weer een rustig en regelmatig hartritme, zonder dat de hartboezems dat met hun fibrilleren of flutteren in de war kunnen schoppen.

Op internet tref je op allerlei fora lotgenoten, die op zoek zijn naar ervarings- en succesverhalen over de his-ablatie. Bijvoorbeeld bij hartpatienten.nl, bij pacemakerdragers.nl en bij het medisch forum. Er is veel onzekerheid en onwetendheid heb ik gemerkt. Je treft een paar ervaringsverhalen. Maar die zijn summier en niet erg opbeurend.Maar volgens mijn cardiologen in Zwolle kan een his-ablatie heel heilzaam werken. Daarom heb ik besloten om voor lotgenoten, voor mensen met ernstige hartritmestoornissen, die als een berg opzien tegen zo’n his-ablatie, mijn ervaringen via facebook met hen en met andere geïnteresseerden te delen. Niet wetend hoe het allemaal uit zal pakken en wat het resultaat zal zijn. Maar ik reken erop dat mijn (ervarings)verhaal een succes wordt en de ervaring positief zal zijn. Dat het leven een nieuwe (door)start kent.

Facebook-bijdrage 2  (24 oktober 2012)

Je kent het wel. Komen ze met de boodschap dat ze goed nieuws en slecht nieuws voor je hebben. En ook al kan de verantwoordelijke verpleegkundige er niets aan doen. Haar boodschap dat mijn operatie door een spoedgeval is uitgesteld komt hard aan. Haar goede nieuws: ik ben morgenvroeg om 8 uur als eerste aan de beurt. Dat wordt nog een slecht nachtje slapen.

Facebook-bijdrage 3  (25 oktober 2012)

Het was tot nu toe een pittige dag. Uiteindelijk was ik pas om half elf aan de beurt en om kwart over twaalf werd ik weer op mijn bed naar de afdeling gereden.

Maar het onomkeerbare doorbranden in mijn hart hebben ze gedaan. Met veel zorg, aandacht en precisie. Ik zal er later voor de geïnteresseerde(n) lotgenoten meer over schrijven.

Het was anders dan de vorige ablaties en tussen de oren ervoer ik het zelfs anders als toen in maart j.l. de pacemaker geplaatst werd. De 5 uur verplichte bedrust zijn er inmiddels al 9 geworden, want de wond in de slagader, waar de katheders naar binnen gingen in de lies, sprong open en dat vond niet alleen ik maar ook de verpleging heel onplezierig. De rommel is opgeruimd, het drukverband zit weer stevig vast en ik ga straks (toch) proberen even de eerste stappen te doen. Met zoveel bemoedigende woorden van jullie kant moet dat lukken, hoop ik. Dank voor al die fantastische support. Wordt vervolgd.

Facebook-bijdrage 4 (26 oktober 2012)

Ze zijn tevreden in De Weezenlanden in Zwolle. En ik ook wel. Heb na ruim 8 maanden ellende eindelijk weer een normaal hartritme. Ook al wordt het dan nu voor 100 procent aangestuurd door de pacemaker en is het hier op de foto met 99 wat aan de hoge kant. Maar de dodelijk vermoeiende hartritmestoornissen (boezemfibrilleren en -flutteren), die tot voor een aantal maanden altijd begonnen als je het net niet uitkwam en vanaf juli chronisch mijn leven beheersten – of moet ik schrijven, teisterden – behoren vanaf nu hopelijk definitief tot het verleden.

Over 6 weken weten de cardiologen, mijn pacemakertechnicus en ik meer. Want dankunnen ze op mijn pacemaker precies uitlezen wat deze allemaal (wel en niet) gedaan heeft. Dat betekent vooral dat de pacemaker 100 procent van de tijd – 24 uur per dag – moet werken en eenritme moet bepalen en bewaken. Vandaag is het onderritme ingesteld op 80 slagen per minuut in rust en het bovenritme is afgesteld op 140 slagen bij inspanning. Over 6 weken wordt het onderritme terug gebracht tot 70 slagen per minuut en 6 weken daarna nog weer eens naar 60. En de batterijheeft nog stroom voor ruim 7 jaar.

De ingreep is mij mee gevallen. Ook al heb ik er tussen de oren ongelooflijk tegenop gezien. Je ‘vernielt’ tenslotte niet maar zo iets in je hart, wat door diegene die het menselijk lichaam heeft bedacht, toch voorzichtig en bewust zo in elkaar is gezet. Het aanprikken van de liezen voor de katheders was een pijnlijke aangelegenheid. En mijn linkerlies (want daarin zijn ze allemaal de slagaders ingedrukt richting het hart) doet nog pijn, is stijf en het lopen gaat nog wat wankeltjes. Kwestie van tijd. Het branden op zich in de Bundel van His, om de geleiding tussen boezems en kamers te verbreken, viel enorm mee. Wie ooit een longvenen-ablatie in de linker hartboezem heeft gehad, lijdt vele malen meer dan deze relatief kortdurende ingreep van maximaal anderhalf uur.

pacemakerdragers.nl

hartpatiënten.nl

medischforum.nl

 

 

 

 

 

 

Waar ik op de websites van hartpatienten.nl, pacemakerdragers.nl en medischforum.nl geen echte succesverhalen kon vinden, maar alleen onzekerheid en vele vragen aantrof van mogelijke gegadigden (of wanhopigen, die niet durven) voor zo’n hisbundel-ablatie, hoop ik dat mijn verhaal zich positief zal ontwikkelen. Dat er wel een succesverhaal komt. De cardiologen in Zwolle hebben hun best gedaan. Nu mijn hart nog.

 

Facebook-bijdrage 5  (27 oktober 2012)

Dank, dank, dank voor al jullie hartverwarmende reacties. Ik ben weer thuis. Met een ritme tussen 80 en 140 slagen per minuut dat nog steeds door de techniek piekfijn wordt geregeld. Hopelijk blijft dat zo. Over de medische details voor belangstellenden en lotgenoten bericht ik een dezer dagen wel weer. Ik voel me goed en als het hart mee blijft werken, de lies minder pijnlijk en weer wat soepeler wil worden, dan kan het alleen nog maar beter worden. En daar hoop en reken ik op. Goed weekend allemaal.

Facebook-bijdrage 6 (9 november 2012) : Update his-ablatie

Ruim twee weken na de his-ablatie kennen mijn beide hartkamers inmiddels 24 uur per dag een regelmatige hartslag door m’n pacemaker. ‘Kun je er wel mee omgaan dat je hart nu kunstmatig draaiende wordt gehouden?’ en ‘Ben je niet bang dat die pacemaker uitvalt?’ zijn vragen, die ik inmiddels al heel vaak heb moeten beantwoorden. Ik kan daar heel goed mee leven en ik ben ook niet bang dat de pacemaker uitvalt. Dat ik er heel goed mee kan leven heeft een simpele, maar niet onbelangrijke reden: ik voel eindelijk die vervelende hartritmestoornissen niet meer. Door het doorbranden van de Bundel van His kunnen die foute ‘electrische’ impulsen vanuit mijn hartboezems de hartkamers eindelijk niet meer bereiken. Geen vermoeidheid en irritatie meer van dat boezemfibrilleren en boezemflutteren met hele hoge, onregelmatige hartslagen. Ik kan binnen marges weer gewoon functioneren. Ben weer aan het werk, heb vandaag weer op de golfbaan gestaan, fiets rustig door het dorp en sta niet meer boven aan de trap te hijgen als ik die net iets te snel ben opgelopen. En natuurlijk ben je wel eens moe of moet je even een dagje bijkomen. Maar dat heeft meer met de aard van het beestje te maken dan met de ingreep en het pacemaker-ritme.

‘Hoe hoog is je hartslag nu?’ is ook een veel gestelde vraag. Mijn pacemaker is voorlopig ingesteld op een onderritme van 80 slagen per minuut en een bovenritme van 140. Over 4 weken gaan ze dat onderritme verlagen naar 70 en over 10 weken naar 60 slagen per minuut. Als alles goed gaat natuurlijk en daar ga ik vanuit.

Deze nieuwe ritme-realiteit is heel wat anders dan het chronische flutteren en fibrilleren, waarbij de hartslag in rust niet meer onder de 100 kwam. En bij vorstelijke aanvallen van fibrilleren vloog die hartslag in het verleden in rust gemakkelijk naar 200. Dodelijk vermoeiend en zowel fysiek als mentaal behoorlijk belastend. Dat nieuwe ritme wordt niet bepaald door de inspanning die ik verricht maar door de beweging die ik met het lichaam maak. Het ritme wordt bepaald door de zogeheten bewegingssensor, die er in zit. Vraag me er geen details over, maar zo heb ik het me uit laten leggen. Een echte deskundige zal vast een beter verhaal hebben. Maar belangrijk voor mij is dat het werkt.

Bang dat de pacemaker uitvalt ben ik niet. Die kans is net zo groot als dat ik in een vliegtuig zit dat naar beneden stort. De zeer deskundige pacemaker-technici in Zwolle hebben mij bij mijn ontslag uit het ziekenhuis verteld dat er nog voor 7 jaar stroom in de batterij zit.

Er is gelukkig wel een nieuwe ontwikkeling, waarover ik deze week al op Facebook berichtte. Daarbij wordt door de hartslag stroom opgewekt die in de ‘accu’ van de pacemaker kan worden opgeslagen. Het grote voordeel daarvan is dat ze je niet om de zoveel jaar hoeven open te snijden en de pacemaker door een kostbaar nieuw exemplaar te vervangen. Want zo werkt het tot nu toe. Met name als je op jonge leeftijd een pacemaker krijgt weet je dat je om de zoveel jaar aan de beurt bent. Het zou een zegen zijn als die ontwikkelingsfase snel werkelijkheid wordt.

Gelukkig kun je, als je de zaak niet vertrouwt, naar het ziekenhuis bellen en meten ze de pacemaker bijna altijd diezelfde dag nog door. In ieder geval de volgende dag. Anders gezegd: de back-up service van De Weezenlanden in Zwolle is heel goed. Niet onbelangrijk als je voor je hartslag afhankelijk bent van zo’n ‘machientje’.

Er is nog een voordeel. Ik ben druk bezig met het afbouwen van bijna alle medicijnen. En ik slikte er nogal wat op een dag, was bijkans een rijdende apotheek. De flecaïnide (ook wel vaak aangeduid als tambocor, dit voor de kenners) hoefde ik al direct niet meer in te nemen. De metropolol (ook wel vaak benoemd als selokeen) zit in de afbouwfase en kan ik over een week stoppen. Dat scheelt heel wat rommel in je lijf en rust voor nieren, lever en maag.

Ik voel me voorlopig opgelucht en ben blij dat ik na veel twijfel toch heb ingestemd met de his-ablatie. Alhoewel ik feitelijk ook geen andere keus meer had.

dr. Jorik Timmer

Het vertellen van mijn ervaringen op Facebook heeft er ook voor gezorgd dat lotgenoten met veel vragen en opmerkingen kwamen, per telefoon of per mail. Hun onzekerheid kan ik begrijpen. Heb er zelf ook heel lang mee rondgelopen. “Tenslotte doe je iets onomkeerbaars in je hart,” zei cardioloog dr. Jorik Timmer tegen mij.

En wie ook onze schepper is, hij of zij heeft het mensenhart niet voor niets bedacht dat dit uit twee boezems en twee kamers moet bestaan en dat die ook nog samen moeten werken en aan elkaar geketend zijn via die Bundel van His.

Gelukkig is de medische wetenschap en de cardiologische kennis de afgelopen tientallen jaren met sprongen vooruit gegaan, weet ik uit eigen ervaring. Mogelijk dat mijn ervaring en deze bijdrage op Facebook mijn lotgenoten kan helpen om voor de toekomst ook een juiste beslissing te nemen. Toegegeven, ruim twee weken ervaring is natuurlijk niets op de schaal van een mensenleven. Maar ik blijf er de komende tijd op gezette tijden over berichten. En heb je vragen, mail of bel gerust.

Ik wens hen in ieder geval dat ze terug kunnen vallen op de wijsheid en deskundige adviezen van cardiologen, zoals ik die in de personen van dr. Jan Hoorntje, dr. Arif Elvan en dr. Jorik Timmer heb gehad en blijf houden. Want zonder hun deskundigheid, hun kennis van zaken en een adequate monitoring van wat er zich allemaal in mijn hart afspeelde en gaat afspelen de komende maanden en jaren, zou ik me zeer onzeker voelen.

dr. Arif Elvan

Facebook-bijdrage 7 (13 december 2012)

Update voor his-ablatie volgers.

Vandaag was het de dag dat mijn pacemaker-technicus de eerste grote test zou doen om te kijken of Arif zijn werk goed had gedaan. Mijn cardioloog Jorik Timmer moest daarna zijn kennis bevestigen wat via de computermuis van de PM-computer was vastgelegd en wat het vervolgtraject zou zijn. De PM-technicus stelde me na een paar minuten al gerust met de mededeling dat technisch gezien alles nog volgens plan werkte. Mijn hartslag in rust – ingesteld op de pacemaker – was nog steeds 80 slagen per minuut en de loze draad van de pacemaker die sinds 20 maart van dit jaar in mijn rechterhartboezem ligt (maar geen functie meer heeft na de his-ablatie) gaf aan dat mijn boezems chronisch aan het fibrilleren en flutteren waren sinds die 24e oktober. Maar daar heb ik God zij dank niets meer van gevoeld. Bij het uitzetten van de pacemaker kelderde mijn hartritme ogenblikkelijk naar onder de 30 slagen per minuut, waaruit volgens de PM-technicus bleek dat Arif Elvan alle ‘draadjes’ van die hisbundel goed had doorgebrand.

Ondanks een forse conditionele achterstand ten opzichte van 2011 – de inhaalslag moet nog gemaakt worden, daar werk ik inmiddels aan en die inzet krijgt na de jaarwisseling een upgrade – voel ik me als herboren. Kan alles weer.

dr. Jan Hoorntje

Of zoals cardioloog Jan Hoorntje na mijn hartcatheterisatie op 16 oktober j.l. al zei, vooruitblikkend op het resultaat na de his-ablatie: “Als het goed is moeten seks, drugs en rock and roll geen probleem meer zijn.” Een fraaie uitspraak. Hij heeft gelijk gekregen, tot op heden. Voel geen moeheid meer na een inspanning en ben bevrijd van dat chronische gebonk van mijn hart in mijn borstkas. Tuurlijk is er wel eens een dag dat je denkt: poeh, wat ben ik moe. Maar dat schijnen mensen zonder hartgebreken ook te hebben. En heel soms voel ik die boezems nog wel eens als ik op mijn linkerzij lig in bed, in de stilte van de nacht, waarin alles altijd erger lijkt dan het is.

Fysieke beperkingen zijn me niet opgelegd. Tijdens een uitgebreide test op 21 november bij Sportgeneeskunde in De Weezenlanden bleek de conditie nog niet al te best, zo constateerden sportarts Aernout Snoek en cardioloog Jesse Jongman. Maar met een door hen opgesteld gericht conditieprogramma kan ik de komende tijd aan de slag om die te verbeteren. Waarbij wel de tip werd gegeven dat het niet zo slim is om in de kopgroep te mee te willen doen maar lekker in de slipstream van het peloton mee te draaien. Dat kost in hun ogen al energie voldoende. Ik ga mijn best ervoor doen.

Goed, terug naar de realiteit van vandaag. De PM-technicus heeft vandaag het kunstmatig ingestelde hartritme terug gebracht van 80 naar 70 slagen per minuut als ondergrens. En als ik hier goed op reageer dan wordt op 7 februari 2013 het ritme nog een keer in tempo teruggebracht naar een ondergrens van 60 slagen per minuut. Met een bovengrens van 140 moet ik dan via de pacemaker-sensoren, die reageren op beweging en ademhaling, een hartritme kunnen produceren dat niet afwijkt van ‘normale’ harten. Mocht ik me er toch niet lekker bij voelen dan direct Zwolle bellen en je wordt geholpen.

Alle sombere verhalen op hartpatiënten.nl, pacemakerdragers.nl en medischforum.nl over de his-ablatie ten spijt, ben ik blij de beslissing genomen te hebben om het wel te (laten) doen. Met daarbij wel de ruggensteun van de deskundigheid in Zwolle uiteraard.

Extra alertheid is bij mij wel geboden, omdat mijn hartkamers slechts door één draad vanuit de pacemaker worden aangestuurd en normaliter dit met twee draden gebeurt. Bij mij ligt er alleen een draad in de rechter-hartkamer, maar mocht de linker-hartkamer toch groter worden (de technische details zal ik jullie besparen) waardoor het toch noodzakelijk is om alsnog een tweede draad naar de linker-hartkamer te trekken, dan gaat dat ook gebeuren. Dit hier zo in een paar woorden opschrijven is gemakkelijker dan de ingreep zelf. Maar of het gaat en moet gebeuren moet de toekomst uitwijzen. Daarvoor wordt mijn hart extra goed gemonitord via een hart-echo. Cardioloog Jorik Timmer zal en wil dat ook nauwgezet in de gaten houden. Daar vertrouw ik op.

Vooralsnog eindig ik dit bizarre jaar qua gezondheid met een majeur gevoel. En dat wil ik graag zou houden en gun ook alle andere lotgenoten met dat hinderlijke boezemfibrilleren en –flutteren eveneens een gezonde toekomst, maar bovenal veel wijsheid om met hun eigen cardioloog de juiste toekomstroute uit te stippelen. Ik ben er met vallen en opstaan gekomen. Mijn route naar de ingreep werd noodgedwongen tijdens de rit bepaald. Maar ben wel blij dat ik ben waar ik nu ben.

Geweldige bijkomstigheid is dat ik dagelijks geen handvol pillen meer hoef te slikken met  de namen codarone, metropolol, sotalol, flecaïnideacetaat/tambocor of verapamil. Bloedverdunners en 5mg fosinoprilnatrium per dag is voldoende. En………. twee glaasjes wijn. Proost op fijne feestdagen en voor een ieder een gezond 2013 gewenst!!!!!

Henk ten Oever, 19 december 2012

 

Posted in Geen categorie | 20 Comments

RTV Drenthe RTV Noord DvhN

Het Dagblad ven het Noorden en daarvoor het Nieuwsblad van het Noorden kennen een lange traditie om op gezette tijden de regionale omroepen in Drenthe en Groningen op een hinderlijke subjectieve manier te volgen. Voorop gesteld, ik ben voor het kritisch journalistiek bejegenen van omroepen die met publiek geld gefinancierd worden. Maar dat is wat anders dan met niet aflatende scepsis te schrijven over regioradio en regionale televisie in beide provincies. Hoe anders zijn zinnen te verklaren als “De kogel is nog niet door de kerk, het kanon is al wel geladen: RTV Noord en RTV Drenthe moeten samenwerken waar dat kan”. Vrijdag 29 juli j.l. stonden ze in dat DvhN.

Doet dat pijn? Een beetje. Ik ben altijd voor samenwerken en het zoeken van slimme combinaties. Maar als het gaat om de eigen identiteit van een provincie, van mensen die er wonen, dan is er meer dan het heilige samenwerken.

Kan ik er over oordelen c.q. mag ik mij er een mening over aanmatigen? Ik denk van wel. Tenslotte heb ik zowel bij het Nieuwsblad van het Noorden (1977 – 1985) als Radio Noord (1985 – 1988, toen nog voor Groningen en Drenthe) als RTV Drenthe (1988 – 2000) gewerkt. Kortom, ik heb in al deze journalistieke keukens niet alleen kunnen kijken, maar ook gezien hoe de ingrediënten worden klaar gemaakt en opgediend. En ik kan beoordelen wat samenwerking tussen beide omroepen op kan leveren.

Afgelopen vrijdag 29 juni pakte het Dagblad van het Noorden weer eens uit door de focus te leggen over de in hun ogen kennelijk niet meer te voorkomen samenwerking tussen RTV Drenthe en RTV Noord.

“‘Noord’ en ‘Drenthe’ kunnen er niet meer onderuit” luidde de kop. Met als aanvullende zinnen in de lead: “Regio-omroepen moeten samenwerken, maar waar eindigt dat? In één complex?”

God verhoedde dat laatste. Er is in Drenthe eind jaren zeventig, begin en halverwege jaren tachtig niet voor niets lang en hard gevochten om voor dit gewest een eigen omroep te krijgen. In December 1987 werd ik als toenmalig wnd. programmaleider van Radio Noord door het bestuur van Stichting Omroep Drenthe benaderd met de vraag of ik als leidinggevende de Drentse omroep programmatische en journalistieke vorm en inhoud wilde geven. Een kans die ik als geboren Drent en als warm voorstander van een eigen omroep voor deze provincie graag op mijn schouders nam.

En niet zonder succes. Binnen een jaar na de start op 1 januari 1989 was Radio Drenthe qua marktaandeel en luisterdichtheid de best beluisterde regionale omroep van Nederland. Daarmee werd het altijd zeer populaire Radio Noord, jaren lang koploper bij deze luistercijfers, direct van de koppositie verdreven. Door jonge, enthousiaste en gedreven radiomakers van Radio Drenthe. Medewerkers die de provincie kenden, die vol passie en overgave alle uithoeken van de provincie opzochten om hun  nieuws te vergaren. Medewerkers die op betrokken en begripvolle wijze Drentse mensen en Drentse zaken kritisch onder de loep namen en het imago van Drenthe als eigenzinnig en eigenstandig gewest een flinke push gaven. Zo hoorde het en zo hoort het eigenlijk nog te zijn.

De jaren daarna behield Radio Drenthe die koppositie gedurende 10 jaar tijd, met slechts één keer een onderbreking van 3 maanden, toen de collega’s van Radio Noord deze positie opeisten. Marktaandelen van boven de 30 procent waren geen uitzondering. Waarbij ik wel direct de kanttekening maak dat de concurrentie op de radiomarkt toen niet zo groot was als nu.

En de kijkcijfers van TV Drenthe logen er ook niet om tussen 1995 en 2000. Geregeld op nummer één van alle regionale tv-stations en met forse marktaandelen en kijkdichtheid in de provincie en overigens ook daarbuiten goed bekeken.

Terug naar het Dagblad van het Noorden van 29 juni j.l. en de analyse die daarin gemaakt wordt. De gepubliceerde cijfers kloppen. Het is voor de Drentse omroep schrijnend te moeten constateren dat RTV Noord die goede cijfers van de jaren negentig heeft voortgezet. In vergelijking met de collega’s van RTV Drenthe komen die laatste er maar povertjes af. Ze hebben nog maar net iets meer dan de helft van het aantal kijkers en luisteraars dat RTV Noord heeft. Waarbij die laatste geweldige cijfers vertoont met een marktaandeel van 30,3 % bij radio en bij televisie van 27 procent. Chapeau.

Is dat verwonderlijk? Nee. RTV Noord maakt al jarenlang voortreffelijke radio- en tv-programma’s. De reikwijdte en kracht daarvan strekt zich uit tot over de provinciegrenzen. Ik ben bijna geneigd te schrijven dat wat Drenthe in de jaren negentig bood voor Noord Nederland, RTV Noord dubbel en dwars heeft overgenomen. Daar mogen ze in de Mediacentrale ook terecht trots op zijn.

De radio- en tv-zender en internetpagina zijn zo goed Gronings gemaakt, ruiken Gronings, ademen een zo typische Groningse regionale sfeer uit dat het naadloos aansluit bij de beleving en nieuwsgierigheid van de inwoners van deze provincie, maar ook van mensen in de randgebieden in andere provincies.

RTV Drenthe heeft wat dat betreft vanaf 2000 jaar in jaar uit programmatische, journalistieke steken laten vallen. Om over de managementkwaliteiten van directie en journalistieke leiding en een goed afgestemde politieke antenne richting het provinciaal bestuur nog maar te zwijgen.

Juist in die programmatisch, journalistieke hoek heft RTV Noord de slag gewonnen door kwaliteit met een eigen, herkenbare Groningse kleur en geur te blijven leveren. Herkenbaarder voor en over deze provincie kan haast niet.

Is het toeval dat de huidige hoofdredacteur de eerste stappen van zijn journalistieke loopbaan zette op de burelen en achter de microfoon van Radio Drenthe?

De Drentse omroep mag zich dat aantrekken. Met de komst van directeur-hoofdredeacteur Dink Binnendink is er wel een vakman gekomen, die weet wat het maken van regionale radio en televisie inhoudt en hoe je geworteld moet zijn in de provincie. Je moet streek en stad en de mensen die er wonen en werken kennen. Je moet weten wat de Drenten beweegt. Je moet weten wat iedereen, van ambachtsman tot beslisser, moet willen horen, zien en lezen op de regionale radio, televisie en de website van de omroep.

Daar ligt voor hem de gigantische en dankbare taak om dat met goede journalistieke, programmatische medewerkers (sic) weer waar te gaan maken. De enigen die aan kunnen tonen dat Drenthe die eigen omroep waardig is zijn de medewerkers zelf. Ze dienen vakmanschap te combineren met liefde en achting voor het gebied waar ze het politiek, economisch en maatschappelijk relevante nieuws moeten vergaren. Maar ze dienen tegelijkertijd mede de motor te zijn voor een goed cultureel klimaat en daarvoor stimulansen uitdragen. Een omroep die dat waarmaakt verdient ten volle de politieke en financiële steun van de provinciale politiek en zal die ook krijgen en houden. Daar ben ik zeker van.

Een fusie tussen RTV Drenthe en RTV Noord zou dramatisch zijn. Dan wordt de omroep, weet ik zeker  - afgaande op de geschiedenis en de eigen ervaring bij een Gronings/Drentse omroep (het ‘oude’ Radio Noord) en een Gronings/Drentse krant (het voormalige NvhN en huidige DvhN) – weer vanuit De Stad geregeerd. Hoe mooi de worsten ook zijn die worden voorgehouden met een eigen studiocomplex in Drenthe. Met stenen bouw en behoud je geen eigen identiteit.

Groningers en in het bijzonder Stadjers praten altijd met enig dedain over Ommeland en over de Drenties, hoe fout dat laatste word ook is gekozen door hen. Die houding en wijze van denken alleen al is de valkuil voor één omroep voor beide provincies.

In Drenthe wonen Drenten die een eigen Drentse omroep verdienen.  Alleen zullen de huidige medewerkers daar gans anders en journalistiek, programmatisch onderscheidender moeten gaan werken dan ze de afgelopen 10 tot 12 jaar hebben gedaan. Er moet weer een goede Drentse eigen geur om die omroep heen hangen. Je moet er niet omheen kunnen. Je moet er naar willen luisteren en kijken. Als je de website van RTV Drenthe niet hebt gezien kun je niet meepraten en blijf je verstoken van het laatste, actuele nieuws uit je eigen stad en streek.

Als de medewerkers goed geworteld zijn in de Drentse samenleving, weten wat er speelt en leeft in hun eigen woonomgeving, de passie op kunnen brengen om weer echte Drentse programma’s voor en over Drentse en aan Drenthe gerelateerde zaken te maken, dan is een zelfstandige toekomst gewaarborgd. Dan kan de provinciale politiek als geldschieter er niet omheen. Nu niet en in de toekomst niet.

Het DvhN ontneem je daarmee ook gelijk de kans om weer van die eigenaardig getoonzette berichten te schrijven over de regionale omroep in Drenthe, met zinnen als “In de verte gluurt toch die ene organisatie”.  Maar zo lang die kwaliteit van de programma’s achter blijft zal het geschrijf en politieke gekrakeel over een fusie niet uitgeband worden.

Kortom, de Drentse omroep heeft haar lot in eigen hand!

——————————————————————————————————-

NB: Op 26 april 2010 organiseerde de Noordelijke Pers Sociëteit in het studiocomplex van RTV Drenthe een discussiebijeenkomst met als titel “RTV Noord Noord Nederland. Fusie : fictie of feit”.

Het verslag ervan vindt u op de webpagina http://www.noorderperssocieteit.nl/events/20100426/

 

 

 

 

 

 

Posted in Geen categorie | Leave a comment

Willem Beukema Cardioloog

WILLEM BEUKEMA

Op 9 oktober 2002 ontmoette ik hem voor het eerst. De dag erna zou hij in mijn hart gaan ableren. Met een ingewikkelde cathedermethode wilde deze cardioloog littekens aanbrengen op de plaats waar de longvenen in de linkerboezem naar binnen komen. In vakjargon: de longaders moesten elektrisch geïsoleerd worden.
Het uiteindelijke resultaat : mijn hartritmestoornissen moesten er door afnemen en het liefst helemaal verdwijnen.
De naam van de cardioloog : Willem Beukema. Plaats van handeling : het ziekenhuis Weezenlanden in Zwolle, onderdeel van de Isala Klinieken.

Dr. Willem Beukema was de eerste cardioloog in Nederland die deze voor die tijd nieuwe operatietechniek toepaste. Bedacht en ontwikkeld door de Italiaanse professor Carlo Pappone in het Universiteitsziekenhuis in Milaan. Met behulp van computertechnieken uit de ruimte- en de luchtvaart en gecombineerd met de bestaande röntgentechnolgie, zo meldde RTV Oost in januari 2003, bouwden ze op beeldschermen je linkerboezem driedimensionnaal na. En daarna ging Willem Beukema aan de slag.
In januari en februari 2003 en in februari 2008 kropen de catheders via Willems handen opnieuw in mijn hart en verrichtten daar nogmaals het nodige reparatiewerk. Helemaal goed gekomen is het helaas (nog steeds) niet.

De film van toen en de realiteit van nu spelen zich de afgelopen maanden weer intensief voor mijn ogen af.

In de eerste plaats door het overlijden van Willem Beukema zelf op 1 december 2011. Hij mocht slechts 56 jaar worden. Veel te jong en onrechtvaardig om zo jong dit aardse bestaan te moeten verlaten. Een fantastisch mens, buitengewoon geliefd bij zijn collega’s, medewerkers en bovenal zijn patiënten. Isala verloor daarmee een icoon van de cardiologie in Nederland.

In de tweede plaats door het initiatief van de cardioloog dr. Lukas Dekker (@cardioloogLukas) die op 27 februari Ad Langendonk (@hartpatientAd) in het Catharinaziekenhuis in Eindhoven gaat ableren en het hele ablatieproces op Twitter gaat en laat begeleiden voor geïnteresseerden.
Op 12 januari werd het op Twitter en via andere media wereldkundig gemaakt. Een prima initiatief om zo de social media in te schakelen om informatie en vooral veel vragen te beantwoorden van patiënten en direct betrokkenen (er zijn 300.000 mensen met hartritmestoornissen in ons land). Op deze manier helpt en informeert de internettechnologie de mensheid opnieuw meer en beter dan ooit.

De derde reden is dat ik zelf afgelopen vrijdag te horen kreeg dat ik in februari opnieuw geableerd ga worden in Zwolle. Voor de vierde keer. Een allerlaatste kans om toch zoveel mogelijk verlost te worden van het boezemfibrilleren en boezemflutteren. Ik hoop op het beste en zal in dankbaarheid denken aan Willem Beukema. Want ik ben er nog………

 

Posted in Geen categorie | 4 Comments

Harry Muskee

Drenthe en Nederland zijn een uniek musicus armer. Met het overlijden van Harry Muskee (Cuby van the Blizzards) op 26 september 2011 is een bijzonder mens uit dit aardse leven vertrokken. Zijn onderscheidende bluesmuziek doorbrak de rimpeling van alledag, zorgde voor toegevoegde waarde aan het leven.
Ik herinner me nog steeds heel goed die zaterdagochtend in 1966 dat klasgenoot Simon Veenstra met de elpee Desolation het leslokaal binnenkwam en de handvaardigheidleraar zo aardig was om een pick-up te halen. Opeens klonkThings I remember uit de boxen. Daarna Hobo Blues, Just For Fun, I’m in love en het schitterend vertolkte Gin House Blues.
Was dat muziek van Nederlandse bodem? Sterker, het bleek zelfs van mijn eigen geboortegrond Drenthe afkomstig te zijn: Cuby and the Blizzards. Aangevoerd door de prachtig schurende en stuwende bluesstem van Harry. Gelardeerd met de virtueuze gitaarsolo’s van Eelco Gelling.
En of dat nog niet genoeg was kwam een jaar later Groeten uit Grollo. Het hartverscheurende ‘Somebody will know someday’ is tot op de dag van vandaag voor mij persoonlijk het allermooiste nummer dat ik ooit gehoord heb. Het raakt je ziel, het verscheurt je hart en ontroert je lijf.
Op 17 maart 1990 presenteerde ik bij Radio Drenthe een twee uur durend programma over en met Harry Muskee. Omdat hij 25 jaar in het vak zat.
Een programma waarin hij na jaren zijn oude muzikale vriend en de fantastische gitarist Eelco Gelling weer zag. Een programma waarin ‘good old Harry’ uit ‘Just for fun’ van Desolation, de oude en toen nog vitale kroegbaas Harm Hofsteenge uit Grolloo, live aanwezig was en hem toesprak. Het was een radiomoment waarbij Harry weer eens met Eddy Boyd kon spreken. En hij ontving van de gemeente Assen eindelijk de onderscheiding die hij verdiende: de erepenning van de stad.
Nadien heeft deze Drentse blueslegende gelukkig de aandacht gekregen op het podium van de Nederlandse muziek die hij (en zijn band) verdiende.
Harry Muskee een groots musicus en alleraardigst mens.

Groeten uit Grollo : Cuby and the Blizzards

 

Desolation Cuby and the Blizzards

 

Posted in Geen categorie | Leave a comment

Ausländer Raus

Ik schrik met mijn journalistieke en levenservaring niet zo snel van wat ik zie en hoor. En toch gaf het de afgelopen week een schokeffect toen ik tijdens mijn vakantie opeens open en bloot in het straatbeeld van de Duitse deelstaat Mecklenburg-Vorpommern op meerdere plaatsen affiches zag hangen met daarop in grote letters ‘Ausländer Raus’. Ja dat stond er. Een nauwkeurige blik leverde op dat er op sommige in kleine letters nog ‘krimenelle’ boven stond. Maar dat vergoeilijkt de boodschap niet. Het relativeert de slogan niet eens. Met het drama in Noorwegen nog stevig op het netvlies zuchtte ik diep. Dat er bij onze oosterburen zulke zieke geesten rondlopen. Waarbij ik me goed realiseer dat we in ons eigen land ook nog veel missiewerk hebben te verrichten om als mensen samen de toekomst verder vorm te geven. Wie je bent en waar je ook vandaan komt en wat je ook gedaan hebt of doet. Samenleven is samen leven. Tussen begrip en begrijpen schuilt ook een wereld van verschil. Maar voor die Duitse affiche-boodschap heb ik geen begrip en wil het eigenlijk niet begrijpen. Er is voor een rechtvaardige samenleving nog veel werk aan de winkel.

Posted in Geen categorie | Tagged | Leave a comment

Journalisten in Irak

Vorig jaar mocht ik samen met collega Felix Meurders een week lang in Irak presentatoren van de Iraakse televisie trainen. Een bijzonder nuttige en ook plezierige ervaring. De stuwende kracht achter dit initiatief is Judit Neurink, een ervaren journaliste die barst van de ambities en aspiraties en verknocht is geraakt aan Irak. Ze schreef er inmiddels twee prachtige, enerverende boeken over.

Maar het door haar opgerichte Independant Media Centre in Kurdistand (IMCK) verkeert in financieel zwaar weer. Dat komt, vermoed ik, mede door het missiewerk dat Judit verricht: de onafhankelijke journalistiek van de grond tillen, die een steun in de rug te geven in dit door oorlog en vriendjespolitiek geteisterde land.

De kas van het IMCK is leeg. En het door Judit zo goed in gang gezette waardevolle journalistieke werk dreigt te stagneren en misschien wel te stoppen. Dat moet voorkomen worden. Judit schreef vandaag aan al haar relaties een mail met de volgende inhoud.

Posted in Geen categorie | Leave a comment