ICD : DOMME DIKKE VETTE PECH

Update

Ik beloofde mijn mede-lotgenoten, twijfelaars over een his-ablatie, mensen met boezemfibrilleren en andere lezers van mijn blog een update te schrijven na het vervangen van mijn pacemaker door een ICD. Dat heeft nogal wat voeten in de aarde gehad. Zie hier het verslag wat er zich in 9 dagen Isala Klinieken begin juni 2015 voltrok.

ICD : DOMME DIKKE VETTE PECH

“Ik baal hier enorm van. Dit gebeurt zelden of nooit met de rechterdraad. En dat het uitgerekend jou moet overkomen.” Cardioloog dr. Peter Paul Delnoy zegt het ingetogen op vrijdag 12 juni 2015, even voor zeven uur ‘s avonds, als hij op het voeteneind van mijn ziekenhuisbed zit op kamer 145 van de afdeling Cardiologie van de Isala Klinieken in Zwolle.

Vier dagen ervoor heeft hij de pacemaker en twee geleidingsdraden naar de rechter-boezem en rechter-hartkamer uit mijn lijf gepeuterd en een ICD (Implanteerbare Cardioverter Defibrillator) en twee nieuwe geleidingsdraden naar mijn rechter- en linker-hartkamer met de nodige precisie erin gezet gedurende een drie uur durende operatie.

(Zie ook mijn blog ‘Van pacemaker en his-ablatie naar ICD’ van 6 juni 2015 over wat er allemaal stond te gebeuren op 9 juni j.l.: http://henktenoever.nl/blog/2015/06/06/van-pacemaker-en-his-ablatie-naar-icd/)

Om hier direct maar met de conclusie te beginnen: de ingreep op dinsdag 9 juni is prima verlopen, alleen het eindresultaat was niet zoals gewenst, gehoopt en gedacht. Op woensdag 10 juni, de dag na de ingreep, kwam Peter Paul Delnoy ook al aan mijn bed. Toen nog op de Short Stay afdeling van de afdeling Cardiologie. Gedurende ruim een uur gaf hij mij duidelijke, gedetailleerde informatie over wat en hoe hij een en ander gedaan had. En we spraken over allerlei andere zaken, bijvoorbeeld over de communicatie tussen arts en patiënt en over het onderzoek van Boston Research (de maker van mijn ICD en de geleidingsdraden) waar ik op verzoek van hem aan mee doe.

Cardioloog dr. Peter Paul Delnoy

“Maar,” zeg ik op die woensdagmorgen tegen de cardioloog, “het voelt niet goed in mijn borstkas. Het is net of aan de binnenkant, ter hoogte van mijn hart, iemand ‘hamertje-tik’ zit te spelen.” Ik voelde daar in zittende houding de hele tijd kleine schokjes, in cardiologisch vakjargon ook wel hikjes genoemd. Of om het nog anders te formuleren; ik voelde in het (pacemaker)ritme van het hart steeds kleine elektrische stroomstootjes op het linkerdeel van mijn  borstkas.

Op het moment dat hij er is zul je net beleven dat die schokjes amper voelbaar zijn. Maar gedurende deze woensdag wordt het alsmaar erger en ‘s avonds voelt verpleegkundige Diana ze nadrukkelijk. “We noemen dat ook wel stimulering van het diafragma,” licht ze toe.

Creatief met kurk

Hoe het ook genoemd wordt, het voelt niet fijn en het voelt niet goed. De volgende (donder)dag wordt er door de ICD-technicus naar gekeken. Dat gebeurt. En hoe. Zeer nauwgezet. Anderhalf uur lang. Ze doen dat met een muis, die ze op de borstkas op de ingebrachte ICD leggen en voeren vervolgens allerlei metingen uit, waarmee ze precies in de computer kunnen analyseren hoe de ICD werkt, of de draden contact hebben met beide hartkamers en hoeveel ‘stroom’ er door heen loopt. In de ICD zit een pacemaker-functie en die moet werken, want na mijn his-ablatie in 2012 ben ik voor het aansturen en reguleren van mijn hartslag 24 uur per dag daarvan afhankelijk. Medische technologie en wetenschap anno 2015.

Maar…… de schokjes, de hikjes zijn opeens weg. Ik bedank ICD-technicus Jurjen daar heel hartelijk voor en vraag hem hoe hij dat gefikst heeft. “Noem het maar creatief met kurk,”  zegt hij met een lichte glimlach. “Maar ik moet nu wel eerst met de cardioloog overleggen” en hij loopt weg. Om een kwartier later terug te komen met de mededeling dat het binnenin niet zit zoals het hoort, maar dat ik daar later meer informatie over zal krijgen.

En die informatie krijg ik die middag ook van physician assistant Mark. Hij legt uit dat mogelijk de geleidingsdraad in de rechter-hartkamer niet goed zit.

Om 17.30 uur moet ik opnieuw naar de ICD-kamer om nog meer onderzoeksgegevens op tafel te krijgen. Jurjen doet dat met een vertrouwenwekkende nauwgezetheid, maar aan zijn gezicht zie ik dat er iets niet goed is. Wat? Daar geeft hij geen antwoord op. Dat is des cardiologens.

Congres

Toeval of niet, maar Peter Paul Delnoy is die donderdag en vrijdag op een congres, waar hij als vooraanstaand cardioloog zal spreken over ‘Leadless Pacing, een reële belofte?”  Maar binnenshuis is nog voldoende know how aanwezig om een analyse van mijn klachten en onderzoeksgegevens te maken.

 

Om 18.15 uur komt physician assistant Mark mijn kamer binnen en doet uit de doeken wat er mogelijk mis is (gegaan). “Hou je maar even vast,” zegt hij als startzin. “Het kan zijn dat de draad in de rechter-hartkamer niet op de juiste plaats zit. Maar ze houden er ook rekening mee dat de draden verwisseld zijn en niet juist zijn aangesloten op de ICD.”

Samenvattend: ik moet opnieuw geopereerd worden. Hoe dan ook. Wanneer? Dat is de vraag. Mogelijk al de dag erop, vrijdag. Anders de week erop. En….. ik moet ogenblikkelijk weer naar de ICD-kamer om de ‘shock-functie’ uit te laten zetten. Want, stel als de draden wel verwisseld zijn, dan krijg ik die shock, die elektrische ‘stroomstoot’ bij een forse ritmestoring of hartstilstand in de verkeerde hartkamer. Dat kan niet de bedoeling zijn.

Domme dikke vette pech

Mijn wereld wordt even wat klein op dat moment. Boosheid, woede, verdriet, onbegrip, machteloosheid. Het is deze mix van gevoelens die door mijn lichaam giert. Hoe is het mogelijk: in maart 2012 een ablatie bij mij verknallen en dan nu dit. Hoeveel domme, dikke, vette pech kan een mens hebben? Zoveel dus.

Dat de draad in de rechter-hartkamer niet op de juiste plaats zit en mogelijk een zenuw triggert waardoor de ‘schokjes’ ontstaan, dat kan ik nog begrijpen. Maar de draden verwisselen bij de aansluiting? Nee, dat wil er bij mij niet in.

Natuurlijk, alles is mogelijk en fouten maken is menselijk. Maar met een arts als Peter Paul Delnoy aan de operatietafel, iemand met zoveel kennis en kunde en ervaring, iemand die zo nauwgezet en secuur werkt, nee zo’n man kan in mijn beleven de draden niet verkeerd hebben aangesloten.

Empathie

Na nog het nodige onderzoek de dag erna op vrijdag 12 juni is Peter Paul Delnoy die avond op de rand van mijn bed ook stellig. “De draden zijn niet verwisseld. Dat weet ik bijna 100 procent zeker. Natuurlijk, je kunt altijd een fout maken, maar de draden van Boston, die jij hebt, hebben zelfs een kleurtje voor de aansluiting.”  Ik geloof hem, voor 100 procent.

Voor zover hij zich kan herinneren is het ooit één keer eerder gebeurd bij een patiënt dat de rechter geleidingsdraad – samen overigens met de linker draad – problemen gaf. Dat ik na die primeur de eer heb om in dat unieke lijstje te worden opgenomen kan me gestolen worden.

Met zijn empathische en communicatieve klasse zorgde Peter Paul Delnoy ervoor dat ik volop vertrouwen in hem bleef en blijf houden. Hij geeft een duidelijke uitleg over wat er bij de tweede ingreep (revisie noemen ze dat in het ziekenhuis) allemaal gaat gebeuren. “Good Luck Peter Paul,” schrijf ik in mijn dagboek.

Er komt een nieuwe deadline voor de tweede ingreep: maandagmorgen 15 juni en ik ben als eerste om 8.00 uur aan de beurt. En er maar één die dit mag doen: dat is hij!!

Het weekend duurt lang en vanzelfsprekend spoken dan allerlei dwaze gedachten door je hoofd. Want er moet in een verse operatiewond gesneden worden, de ICD moet er weer worden uitgehaald en wat gebeurt er met de draden? Ik hoor de aardige narcotiseur weer naast de operatietafel, die op medelevende wijze vertelt dat hij je opnieuw heerlijk in slaap gaat sussen.

Maandagmorgen 15 juni is operatie-assistent Boudewijn met zijn rustgevende stem de eerste die me op mijn gemak stelt. Peter Paul Delnoy en zijn team verzamelen zich rondom mij, we praten nog wat en om 2 minuten voor 8 zeil ik heerlijk weg in de narcose om om 5 over half 11 weer een klok te zien op de verkoeverkamer.

Gelukkig korter dan de vorige keer en ik heb de narcotiseur ook nadrukkelijk gevraagd om daar waar mogelijk rekening te houden met de misselijkheid na afloop, waar ik de eerste keer onbedaarlijk veel hinder van heb ondervonden.

Vertrouwen

Na de ingreep heeft Peter Paul Delnoy nog met me gesproken, vertelt hij me op de woensdagmiddag erna, als hij mij thuis belt. Daar kan ik me niets van herinneren. Maar het telefoongesprek dat we die middag voeren is belangrijk voor me. Het weerspiegelt het vertrouwen dat ik in hem had, heb en hou als professional, als ervaren cardioloog die weet waar hij mee bezig is geweest. Hij ontrafelt ragfijn voor mij nog eens het proces van de eerste en de tweede ingreep; waar het mogelijk is mis gegaan en hoe het nu toch weer goed is gekomen.

Beiden verkeren we nu in een positie waar we alle twee niet verzeild hadden willen raken. Soms gebeuren die dingen in het leven. En deze kille constatering is hier gemakkelijker geschreven dan dat het proces zich tussen de oren voltrok, kan ik iedereen verzekeren.

En dan te weten dat de cardiologen van de Isala Klinieken in 2014 ruim 400 pacemakers en 550 ICD’s hebben geplaatst. Heel soms gaat er dan wel iets mis.

Op dinsdag 16 juni om 17.15 uur verlaat ik met anti-biotica pillen de Isala Klinieken in Zwolle. Pijnstillers moeten het leven de eerste week dragelijk  maken. Op 12 augustus a.s. verwacht cardioloog dr. Arif Elvan mij op zijn spreekuur. Hopelijk wijst de controle van de ICD dan uit dat ik ‘storingsvrij’  ben gebleven, dat de draden nog steeds vast zitten in mijn hartkamers en dat ik ook weer mijn rijbewijs bij het CBR (Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen) aan kan vragen.

Boston Research

En wat betreft de monitoring: op de slaapkamer staat een prachtig apparaat van Boston Research.  Als ik de handleiding mag geloven seint dit apparaat iedere nacht via Bluetooth en internet de gegevens van mijn ICD door naar een computer, waar vervolgens de deskundigen in de Isala Klinieken de ochtend erna kunnen  (uit)lezen of zich ook storingen in mijn hart(kamers) hebben voorgedaan.

De toekomst lacht weer. En om mijn vriend en collega Herbert Dijkstra te citeren: “Jij zegt steeds dat je een kut-hart hebt. Dat is niet waar. Je hebt een heel sterk hart. Anders zouden ze dit allemaal er niet aan kunnen veranderen en verbeteren en repareren.”

Of om de helaas veel te vroeg (2011) overleden en mij oh zo dierbare cardioloog dr. Willem Beukema aan  te halen: “Een mensenhart kan veel meer verdragen dan menigeen denkt.”  Daar hou ik mij aan vast.

 

Posted in Geen categorie | 15 Comments

PACEMAKER – HIS-ABLATIE – ICD

Isala Klinieken Zwolle

Update

VAN PACEMAKER EN HIS-ABLATIE NAAR ICD

In december 2012 beloofde ik mijn mede-lotgenoten, twijfelaars over een his-ablatie, mensen met boezemfibrilleren en andere lezers van mijn blog dat er een vervolg zou komen op mijn blog ‘Bundel van His : een bizar jaar’ als er ook daadwerkelijk iets zou veranderden in mijn medische sitiuatie.  En er is het een en ander veranderd. Dus… een update!

Ik schreef toen al in de laatste alinea’s dat er mogelijk alsnog een draad van mijn pacemaker naar de linker-hartkamer moest worden aangebracht, mocht deze groter worden, omdat de pacemaker mijn hartritme 24 uur per dag alleen maar met dat ene draadje naar de rechter-hartkamer aanstuurde.

“Cardioloog Jorik Timmer zal en wil dat ook nauwgezet in de gaten houden,” schreef ik destijds. En dat heeft hij gedaan de afgelopen jaren.

Vorig jaar begon hij al te speculeren over het aanbrengen van die nieuwe draad naar de linker-hartkamer, gelet op de uitslagen van de hart-echo, waaruit bleek dat de pompkracht van het hart nog maar 30 procent was en mijn linker-hartkamer groter was geworden dan hem lief is. Maar helaas kwamen er nog meer complicaties bij.

Sterker. In januari van dit jaar kreeg ik van dr. Jorik Timmer te horen dat zich ook nog eens storingen in het ritme van mijn hartkamers hadden voorgedaan, waarover hij vervolgens uiterst bezorgd sprak.

En….. mijn aorta bleek opens 51 mm te zijn: de kritische grens schijnt 55 mm te zijn. Terwijl  mijn aorta-klep (ook) niet (meer) functioneert en in elkaar zit zoals dat bij een gezond hart wel het geval is. Het plaatje zag er dus somber uit.

Het gekke is dat ik wel alles doe. Ik loop met gemak 10 dagen achter elkaar 18 holes op de golfbaan, fiets tegen de wind in (zonder electrische ondersteuning) en nog liever met de wind in de rug, werk nog gewoon, ren trappen op en af en voel verder geen enkele belemmering of beperking.

Ik had na mijn his-ablatie immers het leven terug gekregen en kon weer alles doen en laten wat ik wilde. “Sex, drugs and rock and roll is weer mogelijk,” opperde na de his-ablatie al cardioloog dr. Jan Hoorntje, inmiddels werkzaam als hoogleraar aan de Maastricht University.

Kortom, lichaam en  hoofd gaven iets anders aan dan alle onderzoeken aan feiten opleverden.

De route die nu gevolgd zou (kunnen) worden werd ons beiden snel helder. Jorik Timmer ging met dr. Arif Elvan overleggen, de zeer deskundige ritme-cardioloog die op voortreffelijke wijze mijn his-ablatie had gedaan in oktober 2012. En voor het vervolg van het behandeltraject, het uitstippelen van de behandelroute, kwam ik in de polikliniek weer bij hem aan tafel. Dat is een zegen voor een patiënt.

De wijze waarop Arif Elvan de onderzoeksgegevens met je deelt en toelicht en de onderzoeksresultaten op het beeldscherm op ontrafelende wijze over het voetlicht brengt, verdient een groot communicatief compliment.

Een goede communicatie van arts naar patient is het allerbeste fundament voor de behandeling in de toekomst en het vertrouwen hebben en houden in de medische wetenschap. Dat wordt te vaak onderschat door artsen. Uit alle verhalen die ik de afgelopen jaren en jaren gehoord heb zijn veel artsen helaas niet de grootste communicators. Doodzonde. Het kan zoveel verdriet, ellende en onbegrip voorkomen. Sterker, het geeft het vertrouwen in de toekomst een enorme boost.

Terug naar waar het hier om gaat. Als eerste stap wordt de pacemaker nu vervangen door een ICD (Implanteerbare Cardioverter Defibrillator) en worden er twee nieuwe geleidingsdraden naar de rechter- en linker hartkamer ‘getrokken’.  Of om de cardiologische vakterm te gebruiken en ik citeer:  “Uw arts heeft vastgesteld dat u een apparaat genaamd ‘cardiale resynchronisatietherapie defibrillator (CRT-D) nodig heeft om uw hartaandoening te behandelen.” Daarbij wordt een speciale geleidingsdraad aangebracht, waarbij ik tevens word uitgenodigd om mee te doen aan een “observationeel klinisch onderzoek”. En dat doe ik graag. Want van de ervaringen van nu profiteren de patiënten van de toekomst!

Waarom een ICD?

De ingreep wordt op dinsdag 9 juni a.s. gedaan door dr. Peter Paul Delnoy. Een zeer secure cardioloog, die heel veel ervaring heeft met het implanteren en aanbrengen van pacemakers en ICD’s en geleidinsgdraden. Hij was het ook die in 2012 op uiterst plezierige en zorgvuldige wijze mijn pacemaker en de draden naar mijn rechterboezem en rechter-hartkamer heeft aangebracht.

dr. Peter Paul Delnoy cardioloog

Er is mij de afgelopen tijd herhaaldelijk gevraagd of ik er tegenop zie? Ja en nee, is dan het antwoord. Ja, omdat ik de afgelopen kleine drie jaar een prima leven heb geleid, alles heb kunnen doen wat ik wilde. Heb ook nimmer het gevoel gehad dat er iets mis was met mijn hart. Dus waarom is dit nu nodig?

Natuurlijk leefde ik met het besef, dat Jorik Timmer mij van meet af aan had ingeprent, dat de linker-hartkamer groter zou kunnen worden. Dat daarbij nog drie andere zaken (storingen in de hartkamers, een te grote aorta en een niet goed functionerende aorta-klep) opeens om de hoek kwamen kijken, heeft me wel verrast en in emotionele zin ook wel eens op het verkeerde been gezet.

“Maar,” zei een goede bekende van me, “wees blij dat je geen kanker hebt, maar malheur hebt aan je hart. Want de cardiologische wetenschap en de thorax-chirugie is de afgelopen jaren zo snel verbeterd en gegroeid dat ze ongelooflijk veel kunnen op dat gebied. En bij kanker weet je het nooit….”  En zo is het.

Waarom ik er niet tegen op zie? Ik heb vertrouwen in de mij behandelende artsen. Helemaal in de wetenschap dat de veel te vroeg overleden (2011) en mij zeer dierbare Zwolse cardioloog dr. Willem Beukema altijd heel hoog heeft opgegeven over de kennis en kunde van Arif Elvan en Peter Paul Delnoy.

Vertrouwen hebben in artsen is het allerbelangrijkste. Het kompas is gericht op de horizon van de toekomst.

Natuurlijk heb ik wel even gekeken hoe groot een ICD is in verhouding tot een pacemaker. Want een ICD is groter. De eerste schrik op 27 mei jongstleden, toen physician assistant Judith mij informeerde over zaken die ik nog wilde weten, was groot toen ze een tweetal ICD’s liet zien. Poeh. Hoe krijgen ze ‘dat ding’ erin!?

Dit is wat physician assistent mij liet zien. Links de pacemaker, rechts 2 ICD's.....

En wat kan ik allemaal nog wel en niet straks? Als alles goed gaat in ieder geval weer genieten van het leven. Genieten van de mij dierbare golfsport. Ik heb uitgebreid gesproken met iemand, die ook een ICD heeft en inmiddeels weer volop actief is in deze sport.

Dat er andere beperkingen zijn is wrang. Bijvoorbeeld het niet te begrijpen ‘verbod’ om 2 maanden geen auto te mogen rijden na het aanbrengen van de ICD. Ik heb toch nimmer een hartstilstand gehad. Heb tot op de dag van vandaag normaal gefunctioneerd en iedere dag in de auto gereden. Wetgeving??? Ik ben voorstander van preventie. Maar maatwerk zou geen overdreven luxe zijn. Integendeel. Hou zou passen bij de realiteit. Maar regel is kennelijk nu eenmaal regel in dit land.

http://www.stin.nl

En als het Centraal Bureau Rijvaardigeheids Bewijzen (CBR) in een vlot tempo mee wil werken en de gemeente waar ik vervolgens een nieuw tijbewijs met ‘aantekening 100’  moet aanvragen, een beetje snel mijn aanvraag afhandelt,  dan kan ik na 3 maanden – op 9 september – weer autorijden.

De STIN (Stichting ICD dragers Nederland) is hierbij een baken voor al je vragen . De praktische hulplijn voor ICD-dragers. Ik ga er zeker lid van worden.

Beste lezers. Ik hou u vanuit de Isala Klinieken komende week op de hoogte. En daarna – indien gewenst of noodzakelijk – vanuit huis.

“Heb vertrouw,” sprak de bekende golfprofessional John Woof ooit. Dat heb ik….. nog steeds!!

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in Geen categorie | 9 Comments

Kleinst mogelijke meerderheid

Ik heb Emko Dolfing uit Spier in de jaren tachtig van de vorige eeuw leren kennen als een bevlogen man, die begaan was met de sociaal zwakkeren in de samenleving. Onrecht en onrechtvaardigheid bestreed hij te vuur en te zwaard. De kleine dorpen in Drenthe waren hem heilig en dat stak hij niet onder stoelen of banken. Bij Staatsbosbeheer was hij voor zijn collega’s een baken van rust en een luisterend oor. En in allerlei besturen, onder andere van Stichting Omroep Drenthe, toonde hij zich altijd betrokken en enthousiasmerend.

Als raadslid, fractievoorzitter en de afgelopen 8 jaar als wethouder voor de PvdA in de gemeente Midden-Drenthe toonde hij zich een bestuurder met ambitie.  “Ik heb het nog nooit zo naar mijn zin gehad. Ga altijd met lol naar mijn werk. Beleef er veel plezier aan,” vertrouwde hij mij nog niet zo lang geleden toe.

Emko Dolfing

En…. Emko Dolfing was en is op en top Drents. Zijn roots zijn gebeiteld in de grond van Spier. Dat mag niet onvermeld blijven als je bestuurder bent in een Drentse plattelandsgemeente.

Maar wat is er met deze Emko Dolfing gebeurd na een verkiezingsnederlaaag bij de gemeenteraadsverkiezingen op 19 maart jongstleden? Of is er daarvoor al iets geschied dat voor ruis heeft gezorgd bij de afstemming van zijn politieke, bestuurlijke antenne?

Want als je een staat van dienst hebt, waarmee ik deze alinea’s opende, dan ben je geen groentje.  Dan moet je toch weten hoe de hazen lopen. Dan verwacht je bestuurlijke wijsheid.

Nadat burgemeester Jan Broertjes op de verkiezingsavond de uitslag bekend maakte en duidelijk werd dat de PvdA in Midden-Drenthe één zetel had verloren kwam er een hardgrondig en optimistisch van toon gezet “Yes”  uit de mond van Emko Dolfing.  Een vreugdekreet uit wanhoop? Nee, ik vermoed dat het gemeende vreugde was, omdat de PvdA in Midden-Drenthe de electorale schade binnen marges beperkt had weten te houden. En…. Emko Dolfings eigen kansen om nog eens voor een periode van 4 jaar wethouder te worden zeer realistisch waren. Want dat wilde hij oh zo graag. Op zich is daar niets mis mee.

Hij mocht overigens daar de opnieuw door de PvdA op een onverkiesbare plaats gezette partijgenoot Jan Beugel uit Westerbork wel dankbaar voor zijn dat hij 670 voorkeurstemmen binnensleepte na een opmerkelijke campagne in zijn dorp. De kwaliteiten van Beugel als raadslid liepen volgens de PvdA’ers in Midden-Drenthe niet parallel met zijn populariteit in het dorp als grote initiator van de Stichting Zomeractiveiten Westerbork.

En de lijstverbinding met Groen Links zorgde er voor dat de PvdA ternauwernood nog een restzetel kreeg en zodoende 6 van de 7 zetels behield. Het slechtste resultaat na de gemeentelijke herindeling in Drenthe van 1998 overigens voor deze partij. Ik heb daar geen leedvermaak over. Integendeel. Het is alleen een constatering van feiten.

Verliezer was ook het CDA, dat van 5 naar 4 zetels ging. Na de herindeling van 1998 heeft deze partij in Midden-Drenthe nog nooit zo slecht gescoord. De VVD verloor eveneens een zetel en kwam uit op 3.

De bestaande coalitie van de afgelopen 16 jaar van PvdA, CDA en VVD hield dus een meerderheid van 13 van de beschikbare 23 over. Maar waren wel allemaal verliezers.

Winnaars waren D66 dat van 1 naar 3 zetels ging, Gemeentebelangen Midden-Drenthe dat 100 procent pluste van 1 naar 2 en de ChistenUnie van Gert Jan Bent die zich eveneens verdubbelde van 1 naar 2 zetels.

Emko Dolfing was tijdens de verkiezingsdebatten openhartig. Een meerderheid van één zetel is ook een meerderheid, riep hij dapper tijdens het finale debat op 17 maart. De kleinst mogelijke meerderheid………

Had hij op de verkiezingsavond al zijn knopen geteld om als wethouder nog een periode van 4 jaar ‘vol’ te maken zonder al te veel sores en snel gerekend dat met het altijd meegaande CDA en de oh zo graag willende winnaar Christen Unie dit gemakkelijk cashen was.

De andere winnaars van de verkiezingen (D66 en Gemeentebelangen Midden-Drenthe) hadden het nakijken. Onvoldoende vertrouwen was er in met name D66 als coalitiepartner.

Harma van der Roest

Marc Bosscha

Op de verkiezingsavond zoemde het al rond dat Dolfing de motie van wantrouwen van D66 in april 2013 jegens zijn ‘asbestbeleid’ bij basisscholen niet vergeten was en D66 lijsttrekker Harma van der Roest geen schijn van kans had om wethouder te worden in een college waar ook Dolfing in zou zitten. De boodschapper van deze constatering op de verkiezingsavond was en is in de gemeente Midden-Drenthe niet de eerste de beste, kan ik u verzekeren.

VVD-lijsttrekker Marc Bosscha werd in PvdA kring afgeserveerd als een groentje die amper wist waar hij over sprak. Charles de Haas van Gemeentebelangen Smilde-Beilen-Westerbork had gelukkig onvoldoende stemmen gewonnen om er een zetel bij te krijgen, dus daarover hoefden de sociaal-democraten zich ook geen zorgen te maken. En Jannes Kerssies van Gemeentebelangen Midden-Drenthe won weliswaar, maar ja, die lijstverbinding met D66 zat de PvdA’ers ook niet lekker.

De sociaal-democraten wisten ook nog eens hun lijstverbinding met GroenLinks  te verzilveren met gedoogsteun voor een nieuw college met een side-letter, die niet openbaar gemaakt wordt, benadrukte Emko Dolfing bij de toelichting op het coalitie-akkoord. En GL-aanvoerder Rudie Weima haspelde daarover vervolgens nog wat halve zinnen waarin het woordje duurzaamheid voor velerlei uitleg vatbaar was. Over openheid en eerlijkheid gesproken. Die woorden passen kennelijk niet een een rijtje bij duurzaam. Of is het nieuwe besturen in openheid aan de nieuwe coalitie-partijen in Midden-Drenthe voorbij gegaan. Leven naar de letter van de wet betekent eveneens dat je vaak in de geest van de wet al heel veel kunt vertellen. Verschuilen achter formaliteiten is nooit een sterk argument.

Donderdag 8 mei werd in de gemeenteraad het coalitie-akkoord gepresenteerd onder de noemer ‘Samen’. Burgers kregen voorheen de mogelijkheid om erop te reageren. Ook ik heb dat gedaan. Nog niet wetend dat de titel van dat ‘akkoord’ “Samen” zou zijn.

Wel was ik blij te lezen dat de nieuwe coalitie beter en anders met de burgers wil gaan communiceren. Dat wordt tijd. Want tijdens het finale verkiezingsdebat op 17 maart kwam vanuit het publiek  het verwijt dat het zittende college, waarbij Emko Dolfing met name werd genoemd, wel met erg veel dedain en afstand ‘regeerde’.

Had ik Emko Dolfing als leider van de grootste partij in de gemeenteraad en als langstzittende wethouder met veel bestuurlijke ervaring verstandiger geacht? Ja!!! Helemaal als je beseft wat er de komende jaren allemaal op de gemeente(raad) afkomt aan Rijksbeleid en daarmee gepaard gaande bezuinigingen. Een breed draagvlak vanuit de bevolking en dus vanuit de gemeenteraad is daarbij zeker gewenst. Sterker, vereist!

Zelf ben ik de afgelopen weken op andere wijze vanuit mijn vak betrokken geweest bij coalitie-akkoorden in Twentse gemeenten. Daar zorgden coalities juist voor een zo breed mogelijk draagvlak, gelet op dat angstaanjagende Rijksbeleid dat vanaf 2015 bij de lokale overheid wordt geparkeerd. En en public werd daar bij de coalitie-akkoorden vermeld met welke wensen van oppositie-partijen rekening was gehouden. En er werd voor een zo breed mogelijk draagvlak in de raad gezorgd en gekozen.

Nee, dan Emko Dolfing. Hij dreigde bij de verdediging van het coalitie-akkoord zelfs met de zin: “De toon van de reactie op het bestuursakkoord zal de toon voor de komende 4 jaar zijn.” Wetend dat hij de VVD als coalitie-partner dit keer zelfs niet de mond had gegund bij de onderhandelingen, D66 als een partij had neergezet waar onvoldoende vertrouwen in is en het evenmin nodig achtte om de beide fracties van Gemeentebelangen zelfs maar aan tafel uit te nodigen voor een oriënterend gesprek. Hoezo “Samen”.

Jannes Kerssies van Gemeentebelangen MD formuleerde het subtiel richting Dolfing: “We overleggen alles, maar doen wat ik wil.”

DvhN van 9 mei 2014

Anthon van der Neut verslag RTV Drenthe

Dat bij de verkiezing van de wethouders Emko Dolfing slechts 13 van de 23 stemmen kreeg (na een overig wel erg klunzig verlopen stemprocedure), spreekt boekdelen. Dat verdient hij niet, maar in dit geval is het helemaal eigen schuld dikke bult.

Gerard Lohuis

CDA-wethouder Gerard Lohuis (uit Assen en hij wil ook niet naar Midden-Drenthe verhuizen, dus verzuchtte Kerssies: “Laten we dan gelijk maar voor de komende 4 jaar een besluit nemen dat hij niet hoeft te verhuizen in plaats van dat we dat ieder jaar moeten doen”.) moest het met 15 stemmen doen. CU-wethouder Gert Jan Bent kreeg uiteindelijk 18 van de 23. Hopelijk is dit geen slecht voorteken voor de komende 4 bestuurlijke jaren als je alles zo graag “Samen” wilt doen.

Gert Jan Bent

Ik hoop vooral dat Emko Dolfing uit zijn bestuurlijke toren afdaalt en weer de roots opzoekt waar hij ooit begon. Dat hij weer de man, de mens, de bestuurder wordt die begaan is met mensen en er ook zelf face to face in openheid en eerlijkheid mee wil praten. Dat hij mensen op gaat zoeken en zich niet verschuilt achter allerlei papieren en notataal. Dat hij onder “Samen” ook echt SAMEN verstaat. Dat zijn 23 raadsleden die de komende 4 jaar voor een giga-operatie staan vol bestuurlijke, financiële hobbels die de inwoners niet onberoerd zullen laten. Communiceer vooral goed, tijdig en duidelijk met de raadsleden en vooral ook met de inwoners, de kiezers dus.

Hopelijk is de minimale steun vanuit de gemeenteraad voor Emko Dolfing een signaal voor hemzelf en voor zijn partij om vooral bij voortduring het gesprek aan te gaan met de bevolking, met verenigingen, belangenorganisaties en eigenlijk iedereen die er toe doet in onze gemeente. Dat kan en mag niet met hautain gedrag. Verschuilen achter formaliteiten past evenmin. Open en respectvol met elkaar omgaan, elkaar opzoeken en naar elkaar luisteren. En niet “doen wat ik wil” om Kerssies nog eens te citeren. Nee, zeg wat je doet en doe wat je zegt!!!!!!

Dat verdienen de inwoners van Midden-Drenthe. Op de website van de afdeling Midden-Drenthe van de PvdA antwoordt Emko Dolfing op de vraag ‘Sterk in’: “Ik heb liever dat anderen dat over mij invullen.”

Daaraan heb ik graag gehoor gegeven.

 

Posted in Geen categorie | 3 Comments

Meent van der Sluis (vervolg)

MEENT W. VAN DER SLUIS (DEEL 2) en ZEMBLA

Meent van der Sluis

Documentairemaker Cees Overgaauw heeft op 6 februari 2014 in Zembla Meent van der Sluis uit Assen kort en bondig en duidelijk geportretteerd in de uitzending  ‘Aardbeving in Loppersum’.

Het beeld dat daarin (opnieuw) geschetst werd over de hoge heren van de NAM, de hautaniteit  van deze olie- en gasbaronnen, zelfs nu de grond in Groningen beeft als nooit tevoren, is een teken aan de wand en Nederland onwaardig. In de afkondiging werd nog eens nadrukkelijk gezegd dat de NAM noch het Staatstoezicht op de Mijnen noch het ministerie van EZ aan deze uitzending mee wilden werken. Dat zegt veel.

http://zembla.incontxt.nl/seizoenen/2014/afleveringen/06-02-2014

De verdachtmakingen van voormalig NAM-woordvoerder Frank Duut in de Zembla-uitzending aan het adres van Meent van der Sluis, dat hij het niet op multinationals en helemaal niet op multinationals die delfstoffen winnen had voorzien, is te schandelijk voor woorden. De geschiedenis heeft Duut zelfs niet geleerd om enigerlei mate respect te hebben voor klokkenluider Meent van der Sluis.

Frank Duut vml. woordvoerder NAM

Je bent haast geneigd te denken dat ze het binnen de Asser VVD nog niet zo slecht bekeken hebben om Duut niet weer op een verkiesbare plaats te zetten voor de komende raadsverkiezingen. “Dat zag ik niet aankomen,” zei Duut op 13 november 2013 in het Dagblad van het Noorden hierover. Zoals hij ook stekeblind is geweest en gebleven voor de kennis en kunde en volhardendheid van Meent van der Sluis. Wat in de genen van een mens zit krijg je er kennelijk niet weer uit.

Zembla heeft Meent van der Sluis terecht weer even op een podium gezet waar hij hoort in de geschiedenis van de aardbevingen in Noord Nederland. En de echo van de beweringen en bewijzen waar hij in 1987 mee kwam zal nog lang nagalmen, totdat de NAM en Henk K(omt)A(lleen)M(aar)P(raten) met echte, aantoonbare daden komen.

(Zie ook mijn blog over Meent W. van der Sluis deel 1 van 3 februari 2013)

 

 

 

 

Posted in Geen categorie | Leave a comment

B&W Midden-Drenthe schaam je

Als je wat ouder wordt wind je je niet meer zo vaak op, zeggen ze. Maar er zijn soms momenten waarop die opwinding door je lichaam giert. Verbijstering, boosheid, onmacht, onbegrip en machteloosheid maken zich dan van je meester als er toch zo’n moment zich voordoet.

Ik kreeg die gevoelens, toen ik op de website van RTV Drenthe zag, hoorde en las over de negatieve reactie van het college van B&W van de gemeente Midden-Drenthe op het verzoek van de stichting Stolpersteine Midden-Drenthe. Die wil op 65 plaatsen in deze gemeente of nauwer gezegd in de voormalige gemeente Beilen, 65 van deze steentjes plaatsen als herinnering aan de verdreven en vermoorde Joodse inwoners en als herinnering aan verzetsmensen die onderdak gaven aan Joodse onderduikers.

Dat verbijsterende gevoel werd alleen nog maar versterkt toen ik vanochtend het Dagblad van het Noorden las. “Hoe kleingeestig kunnen gemeentebestuurders zijn”, om een van de retweeters van mijn verontwaardigde twitterbericht gisteravond hierover te citeren,  dit nobele initiatief de nek om te draaien. Het is de gemeente waarin ik woon en nota bene de plaats (Beilen) waar ik ben geboren en getogen. Onbegrijpelijk.

College B&W Midden-Drenthe

Voor hen die niet exact op de hoogte zijn van het fenomeen stolpersteine, in het nederlands simpel vertaald naar struikelsteentjes : in het trottoir worden kleine keitjes geplaatst met daarop een messing bovenplaat, waarin de naam gegraveerd staat van de verdreven en vergaste Joodse burgers uit Beilen. Of als extra in het Beiler scenario, de naam van de inwoners die er gewoond hebben en onderdak verleenden aan de door Adolf Hitler vervolgde Joodse medeburgers.

In de voormalige gemeente Beilen gaat het om 65 steentjes. Kosten: 20.000 €uro. Het geld kan niet het struikelblok zijn, want de stichting wil als het moet dit bij en via derden vergaren en dat zal geen probleem zijn. Nee, het college van B&W moet alleen toestemming geven om die steentjes te plaatsen omdat het op de openbare weg c.q. in het publieke domein gebeurt.

Burgemeester Jan Broertjes ontving deze week de organisatie persoonlijk, nam er een uur de tijd voor om hen uit te leggen dat ze geen toestemming kregen, omdat de gemeente met de 4 en 5 mei festiviteiten al veel deed aan herdenken en er in de gemeente al voldoende grote en kleine monumenten staan om aan de Tweede Wereldoorlog herinnerd te worden. Hij motiveerde de afwijzing ook nog als volgt en ik citeer de burgemeester bij de regionale omroep: “Zou iedereen zo’n steen wel voor zijn woning willen hebben?”

Burgemeester Jan Broertjes

Waarop de attente verslaggever van RTV Drenthe direct antwoordde met de tegenvraag: ”Dat zou je kunnen vragen natuurlijk.” Vervolgens zagen we het beeld en hoorden we de stem  van de bewoonster van een pand aan de Julianastraat in Beilen, waar de weggevoerde slachter Jacob Cats woonde en zij juicht dit initiatief alleen maar toe.

Onbegrip en ongeloof. Dat kan niet waar zijn om een afwijzing op deze gronden te baseren, dacht en denk ik. Als er nu één gemeente is in Nederland, die onlosmakelijk met onze oorlogsgeschiedenis van 1940-1945 verbonden is, dan is het wel Midden-Drenthe, omdat binnen de gemeentegrenzen het voormalig Kamp Westerbork zijn plaats had en het Herinneringscentrum zijn plaats heeft gekregen en vooral moet houden. De geschiedenis, hoe triest ook, moet ons veel leren voor de toekomst en een piketpaal zijn voor bezinning. Des te nobeler is het van de stichting Stolpersteine dat ze aan die steentjes een educatief programma en een (wandel-, fiets en/of auto) route wil koppelen.

TV item Stolpersteine (Low) mp4

Als er ergens gesold en gesjoemeld is met het historisch besef dan is het wel in de gemeente Midden-Drenthe. In Beilen zijn de gemeentebestuurders er sinds eind jaren vijftig voor verantwoordelijk dat ongeveer alle oude gebouwen, die nog enig historisch besef vertoonden, konden of moesten worden afgebroken. Een top 10 of top 20 of top 30 is daar snel van te maken.

En in de voormalige gemeente Westerbork ‘regeerde’ ooit een burgemeester die alles op alles zette om de barakken van het Kamp Westerbork af te breken, omdat dit beeld zo slecht was voor het toeristisch imago van de gemeente.

Als journalist van het Nieuwsblad van het Noorden heb ik daar menig protesterend artikel over geschreven en zelfs met behulp van politici dat tij proberen te keren. Helaas, niet gelukt. Met als gevolg dat leiding en personeel van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork nu al jaren en jaren op zoek zijn naar (restanten van) barakken van het voormalige kamp die dienst deden of nog steeds doen als duivenhok, kippenschuur, aardappelloods of andere opslagruimte.

Dirk Mulder directeur Herinneringscentrum Kamp Westerbork

Directeur Dirk Mulder van het Herinneringscentrum wees er in zijn commentaar fijntjes op dat 70 andere gemeenten in Nederland dit initiatief met warmte hebben omarmd. “Onbegrijpelijk dat juist Midden-Drenthe dit niet doet,” was zijn fijnzinnige commentaar.

Het kan toch niet zo zijn dat de nu zittende burgemeester Jan Broertjes met zijn wethouders opnieuw een historische fout begaat door de geschiedenis van de Joodse inwoners en verzetsmensen naar de vergetelheid te helpen met allerlei flutargumenten.

Ik hoop vurig dat dit college van B&W zijn standpunt richting stichting Stolpersteine herziet. Zo niet, dan is de gemeenteraad het corrigerend orgaan en kan ze eindelijk wél eens een beslissing nemen die in historisch perspectief gezien de geschiedenis recht doet en toekomstige generaties duidelijk maakt dat er in Beilen meer is (geweest) dan foute beslissingen over het vernietigen van cultureel erfgoed.

En voor de duidelijkheid. Ik ben geen lid van de stichting Stolpersteine. Ben slechts de consument van het nieuws erover en inwoner van Midden-Drenthe, waar ik nu beschaamd richting mijn journalistieke collega’s over moet praten als het over struikelstenen gaat in mijn gemeente, in het dorp waar ik ben geboren en getogen. Ik schaam me heel diep voor dit college van B&W als het niet de moed heeft om een genomen beslissing te herzien!!

 

Posted in Geen categorie | 9 Comments

Meent W. van der Sluis

Ik ontmoette hem voor het eerst in augustus 1972 op de pedagogische akademie De Eekhorst in Assen. Hij was er leraar aardrijkskunde, zoals het toen nog heette. Overigens al snel omgedoopt tot wereldoriëntatie. Meent van der Sluis was de docent. Een ietwat morsige man, met een boers uiterlijk. Slordig pratend. Maar vol humor en vooral bevlogen. Hij vertelde boeiend over zijn herkomst : Emmer Erfscheidenveen, daar hoefde je niet jaloers op te zijn. Maar hij gaf gelijk aan dat die herkomst hem had getekend. Het land van de veenarbeiders, van hard werken voor weinig geld. Ook van uitbuiting en daar moest Meent niets van hebben.

Het was de tijd dat Nederland ronkte van het democratiseringsproces en Meent liep op de De Eekhorst daarbij voorop. Niet letterlijk, maar wel figuurlijk door zijn inbreng bij discussies en tijdens zijn altijd boeiende lessen. En er was oh wonder altijd een link te bedenken met de Drentse geschiedenis en het milieu. Want dat hield Meent bezig.

We groeven met hem in de grond. Bodemlagen verkennen. Wat zegt de bodem over de mens en in bredere zin over de aarde? Meent kon er ongelooflijk boeiend over verhalen.

Tijdens mijn journalistieke loopbaan kwam ik Meent opnieuw tegen. Als politiek redacteur van het Nieuwsblad van het Noorden ontmoette ik hem geregeld op gewestelijke vergaderingen van de PvdA, wat dat was zijn politieke club. Daar zocht hij nooit het compromis, maar vlijde zich graag tegen de grenzen van wat nog net of net niet acceptabele was binnen zijn socialistische club. Hij werd bestempeld als PvdA’er ter linker zijde. Niets mis mee met dit soort luizen in de pels. Want Meent van der Sluis had geen verborgen agenda. Hij streed altijd met open vizier, was open en oprecht.

In 1987 werd Meent Statenlid voor de PvdA. Hij stal toen onder meer mijn hart door als enige van de fractie tegen de komst van de vuilverbrander bij de VAM in Wijster te stemmen. En terecht. Die vieze, vuile, rokende schoorsteen had nimmer in het hart van Drenthe mogen komen. Je ziet die blauwe rook uitbrakende pijp al van tientallen kilometers afstand. Mijn kritische artikelen en columns hierover hebben, net als het altijd schor klinkende protesterende stemgeluid van Meent, niet mogen baten. Dat kreng is er gekomen en staat er nog steeds.

Meent was 12 jaar Statenlid in Drenthe. In die tijd begon hij zich ook te roeren over de gaswinning en de volgens hem daardoor veroorzaakte bodemdaling. Daar roerde hij heftig de trom over. Terecht. Daar zijn politici voor. Maar door de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) en in het bijzonder NAM-woordvoeder Frank Duut werd Meent weggezet als een blaaskaak, als een schreeuwer. Meent was geograaf en volgens Duut hadden alleen geologen verstand van de ondergrond, van de bodem(daling).

Ik moest in die tijd al direct denken aan zijn ‘bodemlessen’ op De Eekhorst in de jaren zeventig. Samen met Meent graven in de grond, bodemlagen voorzichtig op zijn kant leggen en het verhaal werd vervolgens door hem verteld. Boeiend, geloofwaardig en ik vertrouwde Meent. En dat had niets te maken met het verkondigen van een geloof, maar wel met de oprechte interesse in wat de natuur ons had gebracht en wat de mens eraan had veranderd en kon veranderen.

Op 13 juli 2000 overleed Meent van de Sluis. Veel te jong natuurlijk. Zijn vrouw Trijnie, zijn kinderen en zijn vader Willem in verbijstering en omringd door verdriet achterlatend op deze aardbol.

Het is inmiddels 2013. En de NAM geeft toe dat de bodemdaling in Groningen wel degelijk een relatie heeft met de gaswinning in dit gewest. Minister Henk Kamp komt er zelfs speciaal voor uit Den Haag om met eigen ogen en eigen mond de zaak aan te zien en te bespreken.

En wat zegt ex-NAM-woordvoeder Frank Duut tegen DvhN verslaggever Willem van Hamersvelt op 2 februari: “Ik was de boodschapper. Onze geologen waren mijn geweten. (…) Maar het is niet Van der Sluis geweest, die ons op andere gedachten heeft gebracht. Dat was het KNMI. Hun seismologen concludeerden aan de hand van tal van waarnemingen dat we het verband niet langer konden ontkennen. De toenmalige directie heeft dat begin jaren negentig in een publicatie ook volmondig erkend. Maar in de uitleg was niemand geïnteresseerd. Van der Sluis had toch gelijk. Dat beeld bleef alleen maar hangen.”

Kennelijk iets gemist in de jaren negentig van Duut. Dat bevreemdt, omdat Frank Duut niet bang was om de media te bestoken met zijn visie. Anno 2013, met de kennis van nu en zijn gedrag van toen, betoogt Frank Duut tegenover Willem van Hamersvelt keihard. “De link die Van der Sluis legde tussen de aardbevingen en gaswinning bleek er toch te zijn. Maar de theorie waar hij zich op baseerde sloeg nergens op. Dat was echt onzin.”

Klokkenluiders zijn wel vaker weggezet als minkukels, als proleten, als non valeurs. Het had Frank Duut gesierd als hij wat meer empathie had getoond voor Meent van der Sluis. Als hij als goed geaard voorlichter en communicatiedeskundige zijn  bazen ten minste erop had kunnen wijzen dat Meent van der Sluis geen roeptoeter was, maar een oprecht, bevlogen en betrokken mens.

Maar Frank Duut en de NAM waren niet geïnteresseerd in deze luis in de pels. Wat dat betreft sloeg oud NvhN-journalist Piter Bergstra gisteren (2 februari 2013) de spijker op zijn kop met de volgende woorden in zijn ingezonden brief. “…wier toenmalige voorlichter Frank Duut niet ophield te beweren dat Van der Sluis geen geoloog was en dus niet wist waar hij over praatte. We weten nu dat Duut zelf van toeten nog blazen wist.”

Meent van der Sluis is helaas niet meer onder ons. Maar het zou Commissaris van de Koningin Jacques Tichelaar sieren als bij een van de eerstkomende statenvergaderingen nog even fijntjes herinnert aan Meent van der Sluis en zijn niet nalatende ijver om een directe relatie tussen de gaswinning en de bodemdaling aan te tonen. Meent W. van der Sluis verdient dat eerbetoon dubbel en dwars.

———————————————————————————————————–=

Op 12 februari j.l. schreef de zoon van Meent van der Sluis de volgende ingezonden brief in het DvhN.

 

 

 

 

Posted in Geen categorie | 12 Comments